Geschikte vijvervissen
Niet alle vissen zijn geschikt
Geschikte vijvervissen
Een overzicht van de meest gangbare en populaire soorten vijvervissen

Vijvervissen die geschikt zijn, zijn grofweg in 4 soorten onder te verdelen:

  1. De inheemse of die daarvan zijn afgeleid (deze pagina)

Op deze pagina een overzicht van de meest bekende inheemse soorten vijvervissen.
Klik op de afbeelding om te vergroten.

Naam  Maat/cm Geschiktheid  Voedsel  Uiterlijk  Bijzonderheden  Afbeelding (klik om te vergroten)

Goudwinde (Leuciscus idus)

 25-50

Middelgrote tot grote vijver, liefst met fontein of waterval. Beslist zuurstofrijk en schoon stromend water van een goede kwaliteit

Voornamelijk insecten, soms droogvoer als bijvoer

Oranje/zilver met donkere puntjes of vlekjes die groter kunnen worden. Varianten: Zilverwinde, blauwe winde, regenboog- en driekleurwinde

Scholenvis, minimaal 6 stuks. Snelle en actieve oppervlaktezwemmer. Woelt niet in de bodem en eet nauwelijks van de planten. Gevoelig voor zuurstofgebrek en medicatie.  Doordat ze hoog kunnen springen belandt er wel eens een op het droge. Planten zich snel voort zodat populatie in toom gehouden moet worden. Het mannetje vertoont in de paaitijd witte puntjes dat vaak voor een ziekte wordt aangezien.

 Goudwinde

Goudvoorn of Rozette (Scardinius erythrophthalmus)

 20-30

Middelgrote tot grote vijvers. Niet te snel stromend water van een redelijke kwaliteit

Voornamelijk insecten, soms droogvoer als bijvoer

Rode vinnen en rug, zilver to roze buik en zijkanten.
Varianten: Blankvoorn, ruisvoorn  en gewone rietvoorn

Scholenvis, minimaal 6 stuks. Beweegt zich altijd dicht onder de oppervlakte op zoek naar insecten. Woelt niet in de bodem en alleen de grootste exemplaren willen ook weleens van de waterplanten eten. Het hoofdvoedsel blijft echter insecten. Groeit zeer langzaam en plant zich niet snel voort.

 Goudvoorn

Goudelrits, Mona Lisa of Goudminnow (Pimephales promelas auratus)

 8-10

Alle maten vijvers, ook geschikt voor aquarium. Minder geschikt voor vijvers met grote andere vissen. Verdragen slechte waterkwaliteit

Voornamelijk dierlijk voedsel en droogvoer

Oranje met amper zichtbare kleine schubben.
Varianten: Gewone Europese Elrits(beige/zilverachtig met zijstreep)

Scholenvis, minimaal 10 stuks. Levensverwachting is slechts 2-3 jaar maar ze planten zich heel snel voort, vooral in vijvers met veel onderwaterplanten. Mannetjes krijgen in de paaitijd uitslag en vrouwtjes een legbuis. Tamelijk gevoelig voor karperluis.

 Goudelrits

Bittervoorn (Rhodeus ocellatus)

 6-8

Kleine vijvers en moerasfilters. Minder geschikt voor vijvers met grote andere vissen. Niet te diep, schoon water liefst zanderige of kiezelachtige bodem met begroeiing

Insecten, droogvoer en algen (niet zoveel dat het scheelt in de algenvorming)

Zilverachtig met een lila glans en blauwe zijlijn. Inheemse soort (Rhodeus armarus), is beschermd en mag niet verkocht of gehouden worden

Scholenvis, minimaal 6 stuks.  Houdt zich voornamelijk op langs de kant van de vijver. Is eigenlijk geen voorn maar een karpersoort. Mannetjes krijgen in de paaitijd uitslag en verkleuren dan mooi. De vrouwtjes krijgen een legbuis. De bevruchting vindt plaats door gebruik te maken van zoetwatermosselen, deze zijn onmisbaar voor de voortplanting. (Zie onder bij zoetwatermosselen)

 Bittervoorn

Gestippelde alver (Alburnoides bipunctatus)

 10-12

Kleine tot middelgrote vijvers, liefst met beekloop of waterval en kiezelstrandje. Ook in een moerasfilter
Zuurstofrijk en helder stromend water van een goede kwaliteit

Insecten, droogvoer als bijvoer

Zilver met zwarte gebogen zijlijn

Scholenvis, minimaal 10 stuks. Snelle zwemmer, springt graag
Minder bekend  visje maar erg mooi om te zien en heel actief.

 Gestippelde alver

Driedoornige stekelbaars (Gasterosteus aculeatus)

 ca. 6

Kleine tot middelgrote vijver, liefst met een ondiepe plekken. Ook in een moerasfilter.
Zuurstofrijk en helder water

Insecten en insectenlarven, soms droogvoer

Zilver met zwarte stipjes.
Er is ook een 10-doornig stekelbaarsje

Scholenvis, minimaal 10 stuks, solitair in paringsseizoen.
In de paartijd krijgt het mannetje een vuurrode buik en keel en de ogen worden sterk oplichtend blauwgroen. Hij bouwt een nestje waarin het vrouwtje de eieren legt. Het mannetje verdedigt dat heel fel tegen andere mannetjes

 Stekelbaars

Zonnebaars (Lepomis gibbosus)

 ca. 10

Middelgrote tot grote vijvers.
Helder water

Insecten, parasieten (ook op andere vissen), visseneieren en jong visgebroed

Geelbeige met groen gevlekt, kenmerkend zij de stekels aan de rugvin

Solitaire vis, trekt zich niets aan van andere (grotere) vissen.
De zonnebaars is de enige roofvis die in de vijver mag. Het is een klein, mooi visje dat van nut is door het bestrijden van parasieten en het voorkomen van overbevolking door vissen in de vijver. Kleine visjes en visseneieren staan namelijk ook op zijn menu, dit naast parasieten op andere vissen en roofzuchtige larven van bijv. geelgerande watertor en libellen. Niet méér dan 1 zonnebaars in de vijver plaatsen want als ze zich voortplanten en er teveel in de vijver komen, zullen ze ook grotere vissen aanvallen

 Zonnebaars

Beek-, of riviergrondeltje of algeneter  (gobio gobio)

 10-15

Kleine tot middelgrote vijvers, beeklopen en moerasfilters.
Flink stromend en zuurstofrijk water

Insecten, slakjes en wormen (tubifex), soms droogvoer

Bruinig met een rij donkere vlekjes op de zijkanten, 2 baarddraden

Scholenvis, minimaal 6 stuks, verblijft voornamelijk op de bodem en is daardoor niet altijd zichtbaar.
Het beekgrondeltje wordt wel eens als een echte algeneter verkocht, dit is echter een vijverfabeltje. Hij leeft voornamelijk van insecten, wormen en slakjes en eet nauwelijks algen.

 Grondel

Goudzeelt (tinca tinca auratus) ‘Medicijnvis?’

 20--50

Middelgrote tot grote vijvers.
Stilstaand of langzaam stromend water

Insecten, slakjes en wormen (tubifex), soms droogvoer

Oranje tinten met vaak enkele donkere vlekjes, dikke slijmhuid. Varianten: Wildkleur donkergroen

Rustige scholenvis, minimaal 6 stuks, verblijft voornamelijk op de bodem en is daardoor niet altijd zichtbaar
De goudzeelt wordt wel de medicijnvis of de vijverdokter genoemd. Hij heeft deze bijnaam te danken aan de dikke en geneeskrachtige werking die zou uitgaan van zijn slijmhuid.
Dit is echter een vijverfabeltje! Deze geneeskrachtige werking is nog nooit wetenschappelijk aangetoond. Nadeel is dat hij zijn voedsel vindt door in de bodem te woelen en daarmee uw vijver behoorlijk troebel kan maken.

 Goudzeelt

Zoetwatermosselen

 15-20

Alle vijvermaten en moerasfilters.
Zanderige bodem of fijne kiezel waarin de mosselen zich kunnen ingraven

Filteren hun voedsel, voornamelijk zweefalgen, uit het vijverwater

Variabel gevlekt van licht beige tot donkerbruin

Geen vis maar filtert per dag tot wel 100 L vijverwater! Vaak worden ze dan ook in de vijver uitgezet als hulp bij waterzuivering. Hij kan een leeftijd bereiken van 12 jaar maar als hij dood is, is het zaak om hem zo snel mogelijk te verwijderen om een enorme stank en vervuiling van de vijver te voorkomen.
De aanwezigheid van de zoetwatermossel is noodzakelijk voor de voortplanting van bittervoorns. Soms krijgt men spontaan zelfs bittervoorns in de vijver na het plaatsen van zoetwatermosselen.
De zoetwatermossel produceert periodiek grote hoeveelheden larven die zich als parasiet vastzetten in de kieuwen van vissen, met name bij karperachtigen.  De vissen hebben hier in het algemeen geen last van. Na enkele maanden laten de larven zich los om zich op de bodem verder  te ontwikkelen.

 Zoetwatermossel