goudvissen
Goudvissen in de vijver

Goudvissen

De goudvis, de meest bekende en sterke vijvervis

De alom bekende goudvis is een gemakkelijke en sterke vis voor in de vijver die zich snel vermeerdert. Zoals alle karperachtigen, houdt hij zich voornamelijk bezig op de bodem al woelend naar voedsel. Ook nemen ze graag regelmatig een hapje van de planten. Ondanks dat, vallen de vernielingen door goudvissen in het algemeen best mee, vooral als er geen slib maar schoon substraat op de bodem van de vijver ligt.
Goudvissen zijn er in heel veel kweekvariëteiten, met verschillende kleuren en vormen, maar niet alle soorten zijn even geschikt voor de gemiddelde vijver door hun ‘bizarre’ vormen en eigenschappen.
Andere kweekvarianten daarentegen, wroeten niet in de bodem maar jagen op insecten en zijn daarom uitstekend voor in de vijver.
Goudvissen zijn geen scholenvissen maar het verdient wel aanbeveling om meerdere exemplaren tegelijk te houden.


Gewone Goudvis (Carassius auratus)Goudvis
De gewone goudvis is een kleurvariëteit van de karper carassius gibelio en is een goedkope,  sterke en winterharde vijvervis. Onder goede omstandigheden kunnen ze een lengte van 35 cm bereiken.
Vooral de grotere vissen kunnen, door hun gewroet in de bodem, zorgen voor vertroebeling van het water.
De gewone goudvis is een langzame zwemmer en leeft voornamelijk van plantaardig materiaal, hoewel ook kleine waterdiertjes wordt verschalkt.
Het is van belang om de populatie in toom te houden omdat goudvissen zich snel en gemakkelijk voortplanten. Jong geboren goudvisjes zijn in het begin zwart en veranderen pas later van kleur.
Naast oranje, zijn er rode, gele en zelfs witte varianten.

 

Shubunkin (Shubunkin rhodolatinus)
ShubunkinDe Shubunkin is afkomstig van de Japanse goudvis, de Wakin.
Hij wordt zo’n 10-20 cm lang en jaagt op insecten aan de oppervlakte, vaak zwemmen ze mee met een school goudwindes.
De Shubunkin laat de planten met rust en is sterk, niet te duur, winterhard en prachtig om te zien.
Ze zijn slank, levendig en zijn er in een grote variëteit aan kleurschakeringen. Zo zijn er overwegend blauwe soorten voorzien van witte, rode, zwarte en gele vlekken. Of overwegend rode met anders gekleurde vlekken.
De kleurschakeringen worden veroorzaakt door de schubben van de Shubunkins. Shubunkins hebben namelijk gewone en doorschijnende parelmoerachtige schubben en deze combinatie zorgt voor al die prachtige kleurschakeringen, het zogenaamde calico-effect. Met enig geduld kan de Shubunkin zelfs tam worden gemaakt en geleerd worden om uit de hand te eten.
De Shubunkin is een mooie en heel dankbare vis voor de vijver, al moet ook van deze soort de populatie in toom worden gehouden.

 

Sarasa of komeetstaartSarasa of komeetstaart
Ook de Sarasa jaagt op een snelle en beweeglijke manier op insecten aan de oppervlakte en laat de planten met rust.
Hij wordt tot 20 cm lang, het is een witte slanke vis met oranje vlekken. Er bestaat ook een wat minder algemene blauwe variant.
Ook de Sarasa plant zich gemakkelijk voort, is niet al te duur, sterk, winterhard en daarom een uitstekende vis voor in de vijver.

 

 

 


Sluierstaart ryukinSluierstaart, Ryukin of Oranda
De sluierstaart is van oorsprong afkomstig van de giebel, een karperachtige die uiterlijk veel overeenkomsten heeft met de Nederlandse goudvis.
Ook de sluierstaart heeft niet het nadeel van de gewone goudvis dat hij in de bodem woelt en van de planten af blijft.
Hij wordt tot ongeveer maximaal 20 cm groot en is er in een aantal variëteiten.
Het lichaam van de sluierstaart is ovaalrond en hij heeft een meerdelige staartvin die soms langer is dan het lichaam zelf. De sluierstaart is er in het rood, zwart, rood, geel en wit, calico (zie shubunkin) en wit met een rode pet.
Deze laatste ‘Red Cap’ variant is tamelijk gevoelig voor schimmel- en bacteriële infecties.Red Cap Oranda
Nadeel van de merkwaardige vorm en vinnen van de sluierstaarten is dat ze geen beste zwemmers zijn. Ze zijn traag, hebben moeite hun evenwicht te bewaren en zijn daardoor een eenvoudige prooi voor katten en reigers. De eigen manier van zwemmen is echter wel heel leuk om naar te kijken.
De sluierstaart kan een gematigde winter overleven in een vijver van minimaal 80 cm diep. Maar de vis is niet geheel winterhard en kan daarom bij een watertemperatuur van minder dan 16 graden beter uit de vijver worden gehaald om te overwinteren in een aquarium.


 

 

Meer kweekvariëteiten:
Er zijn verschillende varianten van goudvissen gekweekt die er heel bijzonder uitzien, vaak zijn het kweekvormen van de sluierstaart. Door hun vreemde, maar kwetsbare vormen zijn ze niet erg geschikt om in de vijver, samen met andere vissen, te worden gehouden. Ook zijn ze niet winterhard en moeten in het najaar naar een aquarium worden overgeplaatst.
Hier onder vindt u enkele voorbeelden van deze eigenaardige varianten.

 Telescoopoog goudvisTelescoopooggoudvis   Blaasoog goudvisBlaasoog
   
 Ranchu goudvisRanchu

Parelschubgoudvis
Pompoenneus
Hemelkijker 
Leeuwenkop